ProfielWie ben ikMijn interessesMijn poëzieBerichtenVriendenBeheer

Navolging van Christus

Thomas van Kempen

Navolging van Christus Type: Hardcover
Uitgever: Ten Have
Gewicht: 740 gram
Aantal Pagina's: 332
ISBN: 90-259-5939-3
ISBN-13: 978-90-259-5939-5
Categorie: Christendom
Richtprijs: € 29,9

Korte Inhoud


De 'Navolging van Christus' is een van de meest vertaalde en herdrukte boeken uit de christelijke traditie. Thomas van Kempen (1380-1471) verzamelde in de bloeiperiode van de Moderne Devotie teksten, spreuken en gezegden uit geestelijk literatuur en uit de mond of pen van zijn tijdgenoten. Hij schikte deze teksten zo dat er in 1441 vier boeken waren ontstaan, een 'gids voor de geestelijke weg' van de mens, die zich bewust is van zijn uiteindelijke bestemming.

Deze uitgave bevat zowel de oorspronkelijk Latijnse tekst naar het bewaard gebleven werkeksemplaar van Thomas, als een nieuwe Nederlandse vertaling.

Ingeleid door Rudolf van Dijk en Kees Waaijman. Vertaald naar het oorspronkelijke handschrift door Rudolf van Dijk.

Uittreksel


Blz. 7: De historische context - door Rudolf van Dijk

Geen boek is na de Bijbel breder verspreid, vaker vertaald en meer gelezen dan de 'Navolging van Christus'. Dit boek is de rijpste vrucht van 'innerlijke vernieuwing' of 'vernieuwde innigheid' (devotio moderna). De beweging zelf kwam rond 1375 vanuit Deventer op gang door de prediking van Geert Grote. Zijn hoofddoel was het herstel van het christelijk gemeenschapsleven volgens de norm van de vroege Kerk. In de Handelingen van de apostelen wordt het ideaal geschilderd van gelovigen die alles gemeenschappelijk bezaten, have en goed verkochten en dat onder allen verdeelden naar ieders behoeften, dagelijks trouw en eensgezind de tempel bezochten, bij iemand aan huis het brood braken en samen hun maaltijden gebruikten in blijdschap en eenvoud van hart.

Het verlangen naar innerlijke hervorming in deze geest werd geboren uit onvrede met toenemend kerkelijk en religieus verval. Dit manifesteerde zich in pausen die alle macht over kerkelijke ambten en gelden naar zich toe trokken, in bisschoppen die meer landsheren dan zielenherders waren, in priesters die nauwelijks onderlegd waren en in concubinaat leefden, in kloosterlingen die privébezit hadden of een zwervend bestaan leidden, in leken die hun toevlucht zochten in sekten en dubieuze praktijken. In het laatste kwart van de eeuw kwam daar nog het Westers Schisma (1378-1417) bij. Deze periode trok door de Kerk een diepe kloof met aan het ene front de paus van Avignon en aan het andere de paus van Rome, ieder met zijn eigen hiërarchie en aanhang. Voor innerlijke hervorming viel van de kerkelijke leiding dus weinig te verwachten. De tijd was rijp voor nieuwe initiatieven om christenen bewust te maken van de Geest van Jezus Christus, die krachtens het doopsel immers in iedere christen werkzaam is.

Hervormingsdecreten en reformbewegingen van bovenaf hadden tot dan toe weinig uitgehaald. Geert Grote (1340-1384), burgemeesterszoon te Deventer, magister van de Parijse Sorbonne en diaken van het bisdom Utrecht, wekte een tegenbeweging vanaf de basis: de Moderne Devotie. Na een driejarig verblijf bij de kartuizers van Monnikhuizen (Arnhem) had Geert ingezien dat verval slechts te keren is wanneer de kiem van 'vernieuwde innigheid' wordt gelegd in de individuele mens. Daartoe ontwikkelde hij een programma van religieuze vorming en stichtte hij nieuwe leefgemeenschappen als gezonde cellen in het mystieke lichaam van de Kerk. Samen met zijn vriend Joan Cele, de gezaghebbende rector van de Latijnse school te Zwolle, vernieuwde hij allereerst het onderwijs. Het vakkenpakket, het groepsonderwijs en de opvoeding werden gereorganiseerd en geplaatst onder de kritiek van het evangelie. Zo moest de jonge mens waarden leren om die te vertalen in normen voor zijn dagelijks leven.

Vervolgens bevorderde Geert een laagdrempelige boekcultuur. Eenvoudige, betaalbare afschriften en vertalingen van belangrijke boeken moesten zo veel mogelijk mensen bij hun christelijke traditie brengen. De eerste gemeenschap die hij vormde, was opgezet als werkgenootschap voor de devote boekproduktie. Dit ontwikkelde zich spoedig tot een semireligieuze leefgemeenschap, waarin het boek als instrument van innerlijke vernieuwing een dubbelrol kreeg, namelijk in de collatie en in het rapiarium. De collatie is het geestelijk leergesprek, dat de oude woestijnmonniken al hadden beoefend. In de Moderne Devotie herleefde de collatie vooral als bijbelgesprek: de samenspraak van christenen die zich vanuit een Schrifttekst buigen over de opbouw van persoon en gemeenschap. Daarnaast ontstond de gewoonte om leesvruchten en gedachten vast te leggen in een rapiarium. Dit is een persoonlijk 'samenraapsel' van losse blaadjes of katernen met citaten, punten en excerpten om naar believen te herlezen, te overwegen, te bidden. Aan veel geschriften van moderne devoten liggen dergelijke 'geestelijke zakboekjes' ten grondslag.

Recensie

door Tsenne Kikke
Dit is een meest wonderbaarlijk boek en ik raad dit aan eenieder aan die aan Zelfkennis doet, of er aan wilt beginnen. Het zal jou inspireren, motiveren en evenals als trouwe gids fungeren op jouw Weg! Elk citaat benadrukt het feit dat het innerlijk be-leven belangrijker is dan het uiterlijke, vergankelijke en dus tijdelijke leven. Het werk is in vier boeken verdeeld, die oorspronkelijk afzonderlijke uitgaven waren. Dat verklaart de herhalingen in de tekst. 'Richtlijnen voor het innerlijk leven', 'Aansporingen tot het innerlijk leven', 'Innerlijke vertroosting', en 'Lof van de eucharistie' staat er boven de delen. In de eerste twee delen gaat het om het afleren van verlangens en gedragingen die niets opleveren en om het aanleren van een open luisterende houding. In deel drie en vier gaat de leerling in gesprek met een oudere monnik en soms met Christus. De uiteindelijke bestemming is thuiskomen in de vrede van Christus. Het middel om dit doel te bereiken is meditatie, want meditatie leidt tot een innerlijke vroomheid die tenslotte zichtbaar wordt in de manier van leven.

De mens zoekt onverdroten en steeds opnieuw naar de zin achter het bestaan! Thomas van Kempen schrijft:
"Dwaasheid is: alleen aandacht hebben voor het tegenwoordig leven
en niet voorzien wat de toekomst brengen zal en
Vandaag is er de mens en morgen is hij er niet meer.
En is hij eenmaal uit het oog verdwenen
dan verdwijnt hij ook spoedig uit het hart."

Wie was Thomas van Kempen?...

Op de plek van begraafplaats Bergklooster stond vroeger het Agnietenklooster. Reeds in het jaar dat het klooster werd ingewijd, in 1398, werden de eerste doden op deze plek begraven. In het klooster leefde de Augustijner kanunnik Thomas van Kempen. Hij is geboren in - het tegenwoordig in Duitsland gelegen - Kempen in 1379 of 1380 en overleden in het Agnietenbergklooster op 25 juli 1471. In dit klooster schreef hij onder meer tussen 1420 en 1441 het beroemd geworden boek De Imitatione Christi (Over de Navolging van Christus). Ook schreef hij een kroniek over het Sint-Agnesklooster 'Chronica Montis Sanctae Agnetis'. Thomas van Kempen behoort tot de belangrijkste vertegenwoordigers van de laatmiddeleeuwse vernieuwingsbeweging, de Moderne Devotie, waarvan de Deventer schepenzoon Geert Grote (1340-1384) de grondlegger is.

In 1672 werd het stoffelijk overschot van Thomas van Kempen opgegraven in de Agnietenkerk. Na de opgraving werd het, in goede staat verkerende, geraamte uit elkaar genomen en in linnen vervoerd naar de St.- Josephkapel in Zwolle. Aanvankelijk werd zorgvuldig omgegaan met de resten van Thomas van Kempen, dit in een tijd waarin relieken van heiligen of bijna-heiligen kostbare bezittingen waren. Echter omstreeks 1825 was alleen de linkerzijde nog aanwezig in de reliekschrijn. In 1847 is nog het kaakbeen met drie tanden aan de Benedictijnen van de abdij van Solesmes (Frankrijk) afgestaan. In 1809 waren de relieken in Zwolle verhuisd naar de Michaëlkerk in de Nieuwstraat, en in 1892 werden ze bijgezet in de Nieuwe Sint-Michaëlkerk, waar ze vijf jaar later in een tombe werden geplaatst. Na de sloop van de kerk en het monument in 1965 werd de schrijn overgebracht naar de nieuw gebouwde Michaëlkerk, waar ze nu nog steeds rusten.

Op de Agnietenberg is sinds 1916 een gedenkteken te vinden (van architect P.J. Cuypers) met het opschrift: 'In cruce salus, in cruce vita. Hier leefde Thomas van Kempen in den dienst des Heeren en schreef zijn Navolging van Christus mccccvi-mcdlxxi'.

Het Agnietenklooster heeft bestaan tot 1581, toen werd het afgebroken. In het museumschuurtje op het kerkhof worden gevonden bouwfragmenten van het klooster bewaard.

Koop dit boek bij


Bestellen
Adverteren
Zoek&Vind
Meer
Spiritualia
Contact
Copyright © 2008-2019 Spiritualia. Alle rechten voorbehouden. | Privacy Statement | Gedragscode | Algemene Voorwaarden | Auteursrecht