ProfielWie ben ikMijn interessesMijn poëzieBerichtenVriendenBeheer

Ons brein weigert te geloven dat we dood zullen gaan

Iedereen gaat dood, behalve jij, beste lezer.
door Tsenne Kikke - zaterdag 19 oktober 2019 19:38

We gaan allemaal dood. Jij niet, natuurlijk, maar al de anderen wel - omdat, volgens wetenschappers, jouw brein er alles aan doet om te vermijden dat je daar veel te lang blijft bij stilstaan. Met andere woorden: wanneer we geconfronteerd worden met de dood, lijken onze hersenen dat te categoriseren onder “dingen die enkel andere mensen overkomen”.

De Dood. Het is een onderwerp waar heel wat mensen liever niet over nadenken. Dat blijkt nu niet louter een persoonlijke voorkeur te zijn, maar een reflex van ons brein. Dat weigert de dood tot op zekere hoogte te erkennen als iets wat ons zou kunnen overkomen. “Het brein aanvaardt niet dat de dood van toepassing is op ons”, verklaarde onderzoeker Yair Dor-Ziderman van de Bar Ilan universiteit in Israël. “We zitten opgescheept met een oermechanisme dat ons vertelt dat informatie die onszelf linkt aan de dood, niet betrouwbaar is en dat we die informatie niet moeten geloven.”

Het lijkt vreemd, maar beschut worden voor gedachten over ons eigen nakende einde zou wel eens cruciaal kunnen zijn voor ons leven in het heden. “Vanaf het moment waarop je je eigen toekomst tegemoet kan kijken, realiseer je je dat je op een zeker moment zal sterven en dat er niets is wat je daaraan kan doen”, aldus Dor-Ziderman aan 'The Guardian'. “Dat gaat in tegen onze hele biologie, die er net op gebrand is om ons te helpen in leven te blijven.”

Dor-Ziderman kwam tot zijn conclusies door een aantal vrijwilligers te vragen naar een scherm te kijken waarop gezichten voorbijkwamen terwijl hun hersenactiviteit gemonitord werd. De ene keer zagen ze het gezicht van een vreemde, de andere keer hun eigen gezicht. Bij elk gezicht verscheen ook een woord, bij de helft van de gezichten had dat woord te maken met de dood. Wat bleek?... Telkens het gezicht op het scherm niet overeenkwam met wat het brein voorspeld had, werd er een verrassingsreactie gemeten. Die reactie bleef echter volledig uit wanneer het eigen gezicht van de vrijwilliger in combinatie met het woord 'dood' op het scherm verscheen.

“Dit suggereert dat we onszelf beschermen voor existentiële bedreigingen”, aldus onderzoeker Avi Goldstein. “Of zelfs dat we onszelf beschermen voor het bewust nadenken over het idee dat we gaan sterven, door voorspellingen over onszelf uit te schakelen, of die informatie te categoriseren als iets wat over andere mensen gaat en niet over onszelf.”

Arnaud Wisman, een psycholoog verbonden aan de Universiteit van Kent, voegde eraan toe dat mensen nu eenmaal talloze verdedigingen oproepen om gedachten over de dood af te wenden. Vooral jongeren kunnen het misschien zien als een probleem voor andere mensen.

In zijn eigen werk had hij ontdekt dat in moderne samenlevingen mensen, datgene wat 'ontsnappingstredmolen' wordt genoemd, omhelzen, waarin hard werken, kroegensessies, het alsmaar consulteren van mobiele telefoons, en het aankopen van nog meer spullen betekenen dat ze het gewoonweg veel te druk hebben om zich zorgen te maken over de dood.

"Het zijn echter geen oplossingen voor het probleem zelf," zei hij. "Dus moeten we blijven ontsnappen."

Bron: Het Nieuwsblad

... maar, vooraleer die wens kan ontstaan, moet die mens op de hoogte zijn van het waarom hij aan zichzelf zou willen werken. Aan zichzelf? Wat zou daarmee worden bedoeld? Een antwoord hierop is - volgens mij - al een zeer goed begin. :)

Want, zonder dat antwoord is er zelfs geen beginnen aan.

In elk geval deed het onderwerp me weeral denken aan een kort gedicht van Pieter Nicolaas van Eyck (1887-1954), dat ik in mijn kinderjaren moest van buiten leren...

De tuinman en de dood

Een Perzisch Edelman:

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: 'Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!' -

Van middag - lang reeds was hij heengespoed -
Heb ik in 't cederpark de Dood ontmoet.

'Waarom,' zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
'Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?'

Glimlachend antwoordt hij: 'Geen dreiging was 't,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen 'k 's morgens hier nog stil aan 't werk zag staan,
Die 'k 's avonds halen moest in Ispahaan.'

De oudste versie ervan is in de Babylonische Talmoed te vinden, waarin koning Salomo een gesprek heeft met de Engel des Doods, die zegt dat hij twee van Salomo's dienaars komt ophalen. Salomo, die in de joodse traditie al eerder een reputatie had verworven als magiër, beveelt daarop enkele geesten om het tweetal in het land Luz in veiligheid te brengen. De volgende dag komt de Dood Salomo lachend tegemoet, omdat de koning zijn dienaren naar de plaats waar de Engel des Doods ze moest afhalen, had gezonden.

"Vind mensen, die in zichzelf zowel de motivatie als de aangeboren drijfveer hebben om aan hun Innerlijke Zelf te werken, en we zullen hen gidsen."

- DIMschool vzw, gespecialiseerd in Zelfkennis, zijnde: het kennen van het Zelf -

(Interesse?... Laat je niet door jouw ego tegenhouden, indien jij je innerlijk geroepen voelt!)

Voel je je geroepen om Spiritualia te sponsoren?

Het kan al vanaf 1 euro. Meer info, of interesse?.... Klik op deze link.

- Indien je een zelfstandige bent, kan je jezelf gratis via Zoek&Vind aanmelden.

Commentaar


Wees de eerste om te reageren!

Reageer


Opgelet: momenteel ben je niet ingelogd. Om onder jouw eigen naam te posten kun je hier inloggen.

Mijn naam:    
Mijn e-mail adres:    
Mijn commentaar:
Verificatie:
Typ de code hierboven in:
 


School voor ontwikkeling van De Innerlijke Mens


Adverteer op Spiritualia
Adverteren
Zoek&Vind
Meer
Spiritualia
Contact
Copyright © 2008-2019 Spiritualia. Alle rechten voorbehouden. | Privacy Statement | Gedragscode | Algemene Voorwaarden | Auteursrecht