ProfielWie ben ikMijn interessesMijn poëzieBerichtenVriendenBeheer

Oogdiagnose

Oogdiagnose kan een ander woord zijn voor iriscopie, iridologie en irisdiagnostiek. Toch zijn de verschillen sterk. Ten eerste verschilt de Chinese oogdiagnosetechniek van de Westerse iriscopie en kan gedaan worden zonder iriscopie-apparaat. Het waren tenslotte de Chinese therapeuten die de reflexologie in de sclera - dus niet de iris - van het oog ontdekten. Oogdiagnose en behandeling zijn de laatste twintig jaar populair in China. Zij omvatten 8 zones en 13 punten.

En, ten tweede is Westerse oogdiagnostiek het herkennen van huidige en vroegere aandoeningen door middel van veranderingen in het regenboogvlies, de iris, van het oog. Oogdiagnostiek is dus geen therapie, noch een reguliere of natuurlijke geneeswijze en mag in dit geval geen iriscopie worden genoemd. Weet, dat iriscopie zich alleen bezig houdt met het bestuderen van het gekleurde deel van het oog, namelijk de iris.

De oogdiagnostiek is één van de diagnostische mogelijkheden van de natuurgeneeskunde. Zoals we daarnaast de Chinese tongdiagnose en polsdiagnose en de normale fysische of klinische diagnose kennen, ook methoden die door academisch opgeleide natuurgeneeskundigen worden gehanteerd. Over het algemeen wordt de oogdiagnostiek niet door Nederlandse of Belgische artsen toegepast. Dat is vooral een gevolg van het feit dat de methode geen deel uitmaakt van hun universitaire opleiding. Maar daar komt bij dat de uitkomsten van de oogdiagnose niet altijd onderbouwd kunnen worden door de medische (klinische) diagnose. De oogdiagnose maakt het namelijk mogelijk in het orgaanstelsel zwakke plekken te ontdekken, die zich nog niet tot pathologie hebben ontwikkeld en daarom door de reguliere arts niet worden waargenomen.

De oogdiagnose heeft dus vooral haar waarde als functiediagnose. De werking, de defecten, de zwakheden van de organen kunnen in de iris worden waargenomen. Niet altijd exact, maar meestal wel in aanleg.

Daarbij speelt de constitutionele aanleg van de patiënt voor de oogdiagnose een voorname rol. Vandaar dat bij een oogdiagnose primair vastgesteld wordt tot welk van de onderstaande constitutietypen de patiënt behoort.

1. De lymfatische constitutie: aanleg voor stoornissen van de lymfeklieren, vochtige eczemen, slijmvliesaandoeningen.

2. De hydrogene constitutie: aanleg voor reuma, ontstekingen, droge eczemen en dergelijke.

3. De neurogene constitutie: aanleg voor alle mogelijke stoornissen van het zenuwstelsel, vanaf nervositeit tot astma, allergische aandoeningen.

4. De haematogene of dyscrasie-constitutie: aanleg voor ziekten van het bloed en van de lichaamssappen in het algemeen.
 
De natuurgeneeskundige zal dus in de meeste gevallen allereerst trachten het constitutietype van de patiënt vast te stellen, onder andere aan de hand van de kleur van de iris. Dat is niet zo simpel als het lijkt, want er komen veel z.g. mengtypen voor en het vereist heel veel oefening en een lange praktijkervaring om tot een bruikbaar constitutiebeeld te komen.
 
Achtergrond van de oogdiagnostiek:

Het ontstaan van de hedendaagse irisdiagnose is te danken aan de Hongaarse arts Ignaz von Péczely. Hij stelde vast dat vlekjes in de iris in verband konden worden gebracht met organische ziekten. Hij ontwierp ook als eerste een topografie, een landkaart met een indeling naar organen waarin reflextekens te zien zijn van corresponderende organen.

Ook volgens de Duitse arts dr. Med. Walther Lang stuurt een ziek orgaan prikkels langs de zenuwbanen naar het ruggenmerg. Via het verlengde merg lopen zenuwkabels naar bepaalde hersencentra. Deze geven die prikkels via de vasomotorische zenuwen door aan een centrale (het centrum ciliospinale). Van daar af worden ze langs andere lijnen op het regenboogvlies van het oog geprojecteerd. Dit regenboogvlies bestaat in hoofdzaak uit het zachte, bloedvatrijke stroma iridis (steunweefsel van de iris), dat meer of minder sterk gepigmenteerd kan zijn. Langs de hierboven globaal aangeduide neurale weg worden door de prikkels vanuit de aangetaste organen structuurveranderingen in het irisstroma veroorzaakt, die zich als lichte of donkere vlekjes aftekenen. Door bestudering van deze tekens kan de natuurgeneeskundige traceren welke organen niet goed functioneren.
 
Onderzoek van de iris:

Als de constitutionele aanleg bepaald is kan verder in de iris zelf naar bijvoorbeeld allergische verschijnselen en in de orgaanvelden van de iris naar latente aandoeningen worden gezocht. Normaal gesproken heeft ieder orgaan namelijk, ook functioneel, zijn vaste plaats in de iris van een of van beide ogen. Dat wil dus zeggen, dat ook onregelmatigheden zoals minder goed functioneren, overbelasting, overproductie, een storing, zelfs als deze verschijnselen zich klinisch nog niet gemanifesteerd hebben, in de iris zichtbaar kunnen zijn.
 
Medische basiskennis is noodzakelijk:

Het is overigens niet zo eenvoudig een betrouwbare oogdiagnose te stellen als het vorenstaande wellicht doet vermoeden. Er is, naast een grondige opleiding in de oogdiagnostiek, ook een uitgebreide kennis van geneeskundige basisvakken als onder meer de anatomie, de fysiologie en de pathologie voor nodig.
 
Nuchter wetenschappelijk hulpmiddel:

De oogdiagnostiek is een nuchtere, wetenschappelijke diagnostische methode die met behulp van een oogmicroscoop zonder pijn en ongemak voor de patiënt kan worden  toegepast.

Overigens is, zoals uit het voorgaande blijkt, de oogdiagnostiek geen geneeswijze, maar alleen een diagnosetechniek. Daarom past men de oogdiagnose uitsluitend toe in combinatie met een natuurgeneeskundige behandeling.


Organisaties gespecialiseerd in oogdiagnose


  • Vind nog meer organisaties gespecialiseerd in oogdiagnose op Zoek&Vind.
  • Jouw organisatie er nog niet tussen? Voeg ze toe op Zoek&Vind!
Adverteren
Zoek&Vind
Meer
Spiritualia
Contact
Copyright © 2008-2019 Spiritualia. Alle rechten voorbehouden. | Privacy Statement | Gedragscode | Algemene Voorwaarden | Auteursrecht