ProfielWie ben ikMijn interessesMijn poëzieBerichtenVriendenBeheer

Kan een kleine jongen hét bewijs zijn dat reïncarnatie effectief bestaat ?

Sommige mensen geloven in reïncarnatie, anderen in wedergeboorte en nog anderen weten dat ze stof zijn en tot stof zullen wederkeren. Toch dit het verhaal van James Leininger een nadenkertje. Hij beweert de reïncarnatie te zijn van James Huston
door Angelus - woensdag 26 mei 2010 1:13

We kunnen amper onze eerste zes levensjaren herinneren, laat staan een vorige leven. We kennen de verslagen over verschillende bijna-doodervaringen - maar een feit is, dat ze moeilijk te bewijzen zijn. Ik bedoel: op een wetenschappelijke manier, omdat de instrumenten ontbreken. Bovendien is er niemand écht dood geweest, teruggekomen, om ons daarna te vertellen of er ja dan neen leven is na dit leven. Bovendien zegt het Heilige Boek ons dat de mens uit stof bestaat en tot niets anders kan wederkeren.

Vooraleer naar een vorige leven uit te kijken, doen we er wel eens goed aan om even bij dit leven te blijven stilstaan. Hoeveel mensen ken je die dit leven bewust leven en niet geleefd worden? Hoeveel mensen ken je die zó tevreden met dit leven zijn dat ze het nog eens wensen over te doen? Anders gezegd: voor zeer veel mensen zou het bestaan van reïncarnatie of wedergeboorte eerder een vloek zijn dan een zegen - behalve dan voor die mensen, die in zich via hun droomwereld verbeelden dat het de volgende maal allemaal mooier zal zijn. Laten we dan maar hopen dat ze niet ergens midden in de jungle, of bij de een of andere bedoeïenstam in de woestijn terechtkomen.

Een ander feit waar we rekening mee moeten houden is, dat geen mens zo bewust leeft dat hij beseft dat hij 'niet wakker is'. Alles wat bij een mens gebeurt, overkomt hem - plus, schreven we reeds: ogen zien niet. Ogen laten slechts het licht door; licht, dat uit fotonen bestaat en via innerlijke bedradingen, die we zenuwen noemen, op een elektromagnetische manier naar ons brein worden vervoerd om aldaar te worden vertaald. Deze vertaling gebeurt niet in één deel van onze hersenen, maar in meerdere. Anders gezegd: de hersenen bepalen voor ons wat we mogen zien. Hetzelfde geldt dan ook voor onze dromen.

Dromen, fantasieën en verbeelding maken deel uit van de menselijke slaaptoestand. Net zoals er sterren zijn overdag - maar ze niet kunnen zien achter een felblauwe hemel - worden onze nachtelijke dromen vervangen door dagdromen, fantasieën, verbeelding, illusies, hallucinaties en diens meer.

Via deze verbeeldingswereld kunnen dingen onze hersenen bereiken die niet van de hersenen zelf afkomstig zijn, maar van ergens 'buitenaf', zoals in het geval van James Leininger, waar we het onmiddellijk over zullen hebben.

Ofwel zijn het beelden die effectief van buitenaf in zijn brein zijn binnengetreden; beelden, waarmee het jongetje zich mee heeft geïndentificeerd - ofwel, zijn ze afkomstig van zijn 'zielenwezen' en verwijzen ze wel degelijk naar een vorig bestaan. In dit geval: als een piloot uit de Tweede wereldoorlog, die ooit door de Japanners met vliegtuig en al uit de lucht werd neergeschoten. En het is hier dat het verhaal begint dat beschreven wordt in het boek 'Ik was ooit piloot'.

'Ik was ooit piloot' handelt over twee personen, namelijk James M. Huston jr. (1923-1945) enerzijds, en over James Leininger, geboren op 10 april 1998, anderzijds. Tevens gaat het over de vraag of het hierbij gaat om twee zielen, of om één. In de veronderstelling natuurlijk dat je geloof hecht aan het bestaan van een ziel. Begin, bijvoorbeeld, eens bij jezelf... Weet je dat je een ziel hebt, of denk je dat je er een, of geen hebt?

Het antwoord is gemakkelijk te geven. Elke ziel beschikt over welbepaalde eigenschappen; eigenschappen, waarover je in vele boeken kunt lezen. Wel..., ofwel beschik je over die eigenschappen en dan heb je een ziel - ofwel, ontbreken ze, en leef je in het vermoeden dat je een ziel hebt. Sterker uitgedrukt: je verbeeldt jezelf dat je er een hebt. Geen erg, want het is slecht aan de eindmeet dat men de prijzen uitdeelt.

Om met ons verhaal voort te gaan ... Toen Leininger net 2 jaar was, begon hij aan een reeks van omstreeks vijftig mededelingen over zijn leven als piloot in de strijd tegen Japan aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Veel van wat hij zei was te verifiëren, niets van wat verifieerbaar was bleek onjuist.

Leininger vertelde deels dingen die hij, mogelijkerwijs, van tv zou kunnen hebben gehaald. Bijvoorbeeld: zijn opmerking tegen een tv-verslaggever toen hij net vier was, dat de Corsair, een toestel waarin hij zei gevlogen te hebben, bij het starten altijd naar links trok. Correct, maar misschien was dat ooit op 'History Channel' aan bod gekomen.

Dan was er een reeks berichten die alleen in documenten uit 1944-'45 vielen te verifiëren. Sceptici zullen dus moeten uitleggen hoe een peuter ongemerkt oorlogsarchieven kon raadplegen. Hoe wist James Leininger, 28 maanden oud, de naam van de Natoma (Bay), een vliegdekschip in de strijd tegen Japan? Hoe wist hij dat 'Jack Larsen' daar piloot was geweest? Hoe wist hij dat drie van de omstreeks twintig piloten van de Natoma Bay die nooit terugkeerden de voornamen Leon, Walter en Billie hadden?

Een derde categorie vormde de mededelingen die nergens vastlagen. In 2003 stuurde Anne Barron, de 86-jarige zuster van James Huston, aan Leininger een aquarelletje dat haar moeder rond 1925 van wijlen haar broer had gemaakt. Leininger's commentaar aan de telefoon: "Where is the picture of you?" Voor Barron was dat één van de aanwijzingen dat hij echt de reïncarnatie is van haar broer, aangezien niemand anders dan zij wist van het bestaan van de andere aquarel.

'Het geval Leininger' is door enkele gerenommeerde reïncarnatieonderzoekers, onder wie Jim Tucker, hoofd reïncarnatieonderzoek aan de University of Virginia, bestempeld tot één van de sterkste bewijzen voor reïncarnatie. Sommigen spreken zelfs van het beste bewijs voor wedergeboorte ooit. Een paar honderd lezers van het boek noteerden hun commentaar op de sites van amazon.com, amazon.co.uk en barnesandnoble.com; slechts enkelen schreven dat ze het verhaal ongeloofwaardig vonden en van hen kwam vrijwel niemand met steekhoudende argumenten. ' Ze geloofden het niet,' was hun énige argument.

Toegegeven: 'geloven' op zichzelf is een waardeloos fenomeen, afkomstig vanuit ons brein en gebaseerd op onze vastgeroeste overtuigingen. Je kunt ja dan neen in een godheid geloven, maar noch de één kan bewijzen dat er een godheid bestaat, noch kan de andere ons van het tegendeel overtuigen. Een echt 'weten' gebaseerd op eigen, werkelijke ervaringen - en geen denkbeeldige - is betrouwbaarder, maar voor de wetenschap nog altijd geen 'bewijs'. Anderzijds: wat zijn 'werkelijke' ervaringen?... Iemand die aan delirium tremens lijdt, ziet schorpioenen, spinnen, slangen en ander ongedierte over zijn bed kruipen. Vertel die persoon maar eens dat al die beelden onecht zijn.

Met dit laatste moeten we kunnen leven - en, wetende dat 99,99% van de mensen met overtuigingen rondlopen, die ze ergens vanaf hun jeugdjaren hebben opgedaan, is eender wel 'geloof' van generlei waarde. Toch sluit dit niet uit dat elke mens het recht heeft met zijn geloof rond te lopen; dit, zolang 'echt weten' uitblijft.

Zo kunnen kinderen in een Sinterklaas of Kerstman geloven, en volwassenen in het bestaan van ufo's, marsmannetjes, of in het bestaan van een Thor of Zeus. Draai het, of keer het: het is allemaal verbeelding, hoe honkvast men zich ook aan die overtuigingen blijft vastklampen. De kunst bestaat er dus uit om jezelf het gevoel te geven dat je er niet alleen voorstaat en dus op zoek gaat naar gelijkdenkenden.

De media, televisie in het bijzonder, hebben het geval Leininger veel aandacht gegeven zonder meteen te roepen dat dit niet waar kon zijn. 'Soul Survivor - The Reincarnation of a World War II Figh¬ter Pilot', het boek dat in juni 2009 in Amerika verscheen, steeg tot de zestiende plaats bij amazon.com en stond weken in de New York Times bestseller top vijftig. Zoveel positieve belangstelling voor James Leininger vroeg automatisch om ferme acties van de verdedigers van het geloof dat het fysieke bestaan alles is en dat bewustzijn en herinnering niet kunnen bestaan buiten de hersenen. Ze hadden onverwachte bondgenoten onder orthodoxe christenen en mos¬lims, die weliswaar geloven dat de ziel buiten het lichaam kan bestaan, namelijk na de dood, maar niet dat de ziel in staat is tot wederinvlezing.

Het startschot voor de sceptische tegenaanval viel al vijf jaar voordat het boek op 15 april 2004 verscheen. Toen kon Amerika van kust tot kust kijken naar een documentaire over Leininger/Huston van 'ABC Primetime', die een florissant tweede leven kreeg op YouTube als 'Reincarnation - past life evidence, Part 1 & Part 2', een aanrader voor lezers van het boek. Later volgden nog drie nationale nieuwszenders.

Op 22 december 2009 waren James Leininger en zijn ouders Bruce en Andrea bij Larry King Live op CNN, en bereikten op die manier de hele wereld.

Ondertussen is het boek in het Nederlands vertaald. Als je daar iets meer wil over lezen, nodig ik je uit om onze afdeling 'Literatuur een bezoekje te brengen via deze link.




Maar James' verhaal staat niet alleen: een ander jongetje, een zekere Cameron, herinnert zich ook een vorige leven ...


Commentaar


Wees de eerste om te reageren!

Reageer


Opgelet: momenteel ben je niet ingelogd. Om onder jouw eigen naam te posten kun je hier inloggen.

Mijn naam:    
Mijn e-mail adres:    
Mijn commentaar:
Verificatie:
Typ de code hierboven in:
 


School voor ontwikkeling van De Innerlijke Mens


Adverteer op Spiritualia
Adverteren
Zoek&Vind
Meer
Spiritualia
Contact
Copyright © 2008-2017 Spiritualia. Alle rechten voorbehouden. | Privacy Statement | Gedragscode | Algemene Voorwaarden | Auteursrecht